Voor de secretarissen van de Tuchtcolleges voor de Gezondheidszorg is het begeleiden van mondelinge vooronderzoeken onderdeel van het dagelijks werk. Het is een waardevol aspect van het tuchtrecht dat ervoor zorgt dat partijen met elkaar in gesprek kunnen gaan. Soms ontstaat daardoor begrip tussen klager en verweerder, zeggen secretarissen Talitha Brand en Dominique van Grootveld.

Portret Talitha Brand
Talitha Brand, secretaris Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam

Talitha Brand is nu zo’n acht jaar secretaris bij het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (RTG) Amsterdam. “De procedure bij het tuchtcollege start met een schriftelijk vooronderzoek. Die fase begint als de klager een klaagschrift heeft ingediend. Komt de zaak in behandeling? Dan sturen wij dit klaagschrift door naar de verweerder. Die reageert daarop met een verweerschrift. Dat delen wij vervolgens met de klager. Wij sluiten het schriftelijk vooronderzoek af met een brief aan beide partijen, waarin we de mogelijkheid van een mondeling vooronderzoek (mvo) benoemen. Dat is de volgende fase in de procedure.”

Tijdens zo’n mvo gaat de secretaris met de procespartijen in gesprek over de klacht. Brand heeft nu ruim 150 mvo’s begeleid. “We nodigen beide partijen uit, maar ook als één van hen er niet bij wil zijn, gaat het mvo door. Zowel de patiënt als de zorgverlener kan daar zijn of haar standpunten nog eens naar voren brengen en verder toelichten.”

Collega Dominique van Grootveld, secretaris bij het RTG ’s-Hertogenbosch, vult Brand aan: “Tijdens het mvo kunnen partijen ook op elkaar reageren. De klager kan bijvoorbeeld een reactie geven op wat er in het verweerschrift staat.” Van Grootveld werkt sinds 2021 voor het tuchtcollege en is vanaf dat moment ook betrokken bij de mvo’s.

Portret Dominique van Grootveld
Dominique van Grootveld, secretaris Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch

Feiten juist krijgen

Tijdens het gesprek, dat ongeveer een uur duurt, stelt de secretaris vragen over eventuele onduidelijkheden in het klaag- en/of verweerschrift. Van Grootveld: “Soms is iets voor ons niet helemaal duidelijk. We willen vaststellen of alles is bedoeld zoals wij het hebben begrepen.” Brand: “Voor ons is het van belang om de feiten juist te krijgen.”

Ook kan ter sprake komen hoe het voor beide partijen is om betrokken te zijn bij een tuchtklacht. “We vragen wat een klacht zo belangrijk maakt voor de klager”, vertelt Brand. “Vaak blijkt dat mensen vooral op zoek zijn naar erkenning van hun emoties of naar volledige informatie over het verloop van hun behandeling. Al pratend komt er vaak meer op tafel dan in een klaag- of verweerschrift naar voren komt. Regelmatig ontstaat er dan begrip voor elkaar. Zo is het voorgekomen dat een arts tegenover de klager erkende dat een procedure in zijn ziekenhuis niet goed verliep. Samen met de jurist van het ziekenhuis, die erbij was, beloofde hij erachteraan te gaan.”  Van Grootveld: “Soms wordt tijdens het mvo pas echt goed duidelijk waar precies de pijn zit voor de klager.”

Bij taalbarrière belang mvo extra groot

“Soms is het voor de klager lastig om iets op papier te zetten”, vertelt Van Grootveld. "Een deel van de klagers kan zich schriftelijk niet zo goed uiten. Toch moet een klager eerst door die schriftelijke fase heen. De verweerder moet immers ook schriftelijk kunnen reageren op de klacht. Wanneer wij om een aanvulling op de klacht vragen, geven wij overigens in de schriftelijke fase aan dat men daar hulp bij kan krijgen van de Tuchtklachtfunctionaris.”

Het belang van het mvo is extra groot voor klagers met een taalbarrière of moeite met schrijven. Van Grootveld: “Ze zijn dan blij dat ze hun verhaal mondeling kunnen toelichten. Mensen die het Nederlands spreken niet goed machtig zijn, kunnen altijd een tolk meenemen.”

Elkaar aankijken

Het mvo vindt plaats in de rechtbank. Van Grootveld: “In de rechtbank in Den Bosch hebben we een ruimte tot onze beschikking waarin de partijen tegenover elkaar zitten. Je merkt dat ze zich daardoor meer tot elkaar richten en elkaar aankijken, waardoor er vaker een echt gesprek op gang komt.”

Brand vindt het mooi wanneer ze ziet dat de partijen nader tot elkaar komen. “De ultieme uitkomst van een mvo is wanneer beide partijen met elkaar in gesprek gaan en zich gehoord voelen. Een goed mvo kan ervoor zorgen dat mensen zich beter kunnen neerleggen bij de uiteindelijke beslissing van het college."

Soms gebeurt het dat een klacht vervalt dankzij een goede dialoog tussen klager en verweerder. Van Grootveld: “Ik heb eens gehad dat de klager, nadat hij zijn verhaal had gedaan, nog een vraag had die ter plekke werd beantwoord. De hele procedure deed ook echt iets met hem. Toen heeft hij de klacht ingetrokken.”

Informatie voor beoordeling

Een goed mvo is helpend voor het vervolg van de tuchtklachtprocedure. Wat tijdens het mvo wordt besproken, komt in een proces-verbaal dat naar beide partijen wordt opgestuurd. Ook als één van hen niet aanwezig was. Het proces-verbaal maakt onderdeel uit van de stukken die van belang zijn voor de beoordeling.

Wanneer een klacht doorgaat naar een zitting biedt het proces-verbaal de collegeleden een handvat. Een groot deel van de klachten gaat nooit naar zitting. De voorzitter kan bijvoorbeeld zelfstandig met een voorzittersbeslissing oordelen dat de klager kennelijk niet-ontvankelijk is, wat betekent dat de klacht niet inhoudelijk wordt beoordeeld. Ook kan het college, dat bestaat uit een voorzitter en twee leden-beroepsgenoten, een klacht bijvoorbeeld kennelijk ongegrond verklaren: de klacht is in dat specifieke geval onterecht. Dat gebeurt dan in raadkamer, een besloten bijeenkomst.

Als er nog vragen open staan die relevant zijn voor het beoordelen van de klacht, wordt de klacht op een openbare zitting behandeld. Brand: “Op zitting kunnen de leden-beroepsgenoten en juristen hun vragen stellen. De informatie uit het mvo is voor hen vaak een belangrijke toevoeging aan wat al was verzameld tijdens het schriftelijk vooronderzoek.”